6. Peter Jansen

Voedselvisie

Ede maakt onderdeel uit van de Regio FoodValley. Deze regio is een samenwerkingsverband van acht gemeenten, zie hier voor meer informatie. De ambitie van deze gemeenten is om samen de regio te ontwikkelen 'tot hét agrofoodcentrum van Europa, de internationale topregio voor kennis en innovaties op gebied van gezonde en duurzame voeding'. A.s. donderdag zullen vertegenwoordigers uit heel de foodketen in Veenendaal een regionale voedselvisie ondertekenen. Maar wat behelst deze regionale voedselvisie?

Met deze voedselvisie wil men bereiken dat de regio gezond en veilig voedsel produceert, dat voedsel goed verkrijgbaar is voor consumenten; een product waar ondernemers een reële prijs voor ontvangen. Met andere woorden: met deze regionale voedselvisie wil de regio FoodValley 'voorop lopen in het realiseren van duurzame voedselsystemen en bijdragen aan een efficiënte, gezonde en toekomstgerichte voedselvoorziening, voor eigen inwoners en wereldwijd.' De missie is vertaald in onderstaande zeven ambities voor 2025.

In de regio FoodValley:
1. lopen bedrijven in de hele keten voorop in duurzaamheid;
2. gaan bedrijven in de hele keten zuinig om met natuurlijke hulpbronnen en sluiten we kringlopen;
3. lopen bedrijven in de hele keten voorop in eiwittransitie en benutten bedrijven kansen voor kennisontwikkeling en marktintroductie van alternatieve eiwitten;
4. verspillen overheid, inwoners, bedrijven en kennisinstellingen zo min mogelijk voedsel;
5. krijgen ondernemers in duurzame productieketens een eerlijke prijs voor hun producten;
6. zijn burgers zich bewust van duurzaam en gezond eten;
7. werken overheid, bedrijven en kennisinstellingen samen aan een verbindende regionale voedselidentiteit  met wereldwijde bekendheid

De regio wil nadrukkelijk ook een voorbeeldfunctie vervullen op het gebied van voedsel: "we willen voorop lopen in het ontwikkelen van de antwoorden op het wereldvoedselvraagstuk en andere voedselvragen die nationaal en regionaal spelen." De regionale Voedselvisie is ontwikkeld door regionale ondernemers, kennisinstellingen, inwoners en overheden samen. De Voedselvisie brengt samenhang in bestaande initiatieven, beleid en energie rond voedsel in FoodValley en geeft richting aan nieuwe projecten voor de verduurzaming van onze voedselvoorziening. (Lees hier de samenvatting van de regionale voedselvisie)

Als fractie van de ChristenUnie in Ede kunnen we ons vinden in deze voedselvisie. Het ademt de geest van bewustwording en verantwoordelijkheid nemen uit. Het past goed bij de kernwaarden die wij als partij hoog in het vaandel hebben staan, zoals duurzaamheid, eerlijke prijs en verminderen voedselverspilling. Ons eigen Tweede Kamer lid Carla Dik – ook woonachtig in de regio FoodValley - maakt zich ook hard voor tegengaan van voedselverspilling, zie hier bijvoorbeeld. Wanneer u zelf tips zoekt om minder voedsel weg te gooien en receptideeën voor het koken met restjes zoekt, kijk dan eens hier.

Uiteraard is een voedselvisie opschrijven in zekere zin gemakkelijker dan hem gerealiseerd krijgen. We zullen er de aankomende tijd alert op zijn hoe dit praktisch uitgewerkt gaat worden. Wat dit betreft zijn we blij dat we als ChristenUnie in Ede de eerste Food wethouder van Nederland hebben kunnen leveren. Binnen onze gemeente probeert onze eigen wethouder Leon Meijer het thema Food handen en voeten te geven. Zelf ben ik ook in toenemende mate geboeid door voedsel. Dat heeft er mee te maken dat ik steeds meer doordrongen raak van dat voedsel verbindt: met jezelf, met elkaar, met de aarde en met de Gever van alle dingen. Daarom zou ik met dit thema meer willen doen. Wilt u met me meedenken en/of helpen om Food meer op de kaart te zetten binnen Ede? Stuurt u mij dan een email, dan hoop ik binnenkort een moment te plannen om met elkaar te brainstormen. 

Peter Jansen,
Raadslid ChristenUnie Ede

Duurzaamheid = Lifestyle

De landelijke Dag van de Duurzaamheid vond dit jaar plaats op vrijdag 9 oktober 2015. Door heel Nederland vonden voor het zevende jaar duizenden duurzame activiteiten plaats, georganiseerd door particulieren, bedrijven, maatschappelijke organisaties en overheden. Ook in Ede werd een duurzaamheidsevent georganiseerd. Raadslid Peter Jansen was er bij en blikt hieronder terug.

Op zaterdag 10 oktober j.l. organiseerde de gemeente onder de naam ‘Ede – natuurlijk! ’ een event ter gelegenheid van Dag van de Duurzaamheid. Naar schatting ruim 1.000 belangstellenden kwamen een kijkje nemen. Ruim twintig organisaties waren aanwezig om tips en adviezen te geven. De bezoekers kregen op het Raadhuisplein informatie over het isoleren van hun woning en de aanschaf van zonnepanelen. Ook het gebruik van de (elektrische) fiets stond in de belangstelling. Goed afval scheiden, hergebruik van spullen en verantwoord eten kreeg daarnaast veel aandacht. De energie-opwekkende dansvloer was een ware publiekstrekker. Ook ik kon er niet onderuit om enkele stapjes te wagen

Ambitie
Ede heeft de ambitie om tot een de duurzaamste gemeenten van Nederland te behoren. In haar startnotie geeft ze aan vooral te willen inzetten op hernieuwbare energie en energiebesparing bestaande bouw (denk aan windmolens, zonnepanelen of aan het uitrollen van een warmtenet). Maar ook verminderen restafval en afval hergebruiken maakt deel uit van de ambitie. Daarnaast wil de gemeente dat fietsen en rijden op elektriciteit of groen gas wordt gestimuleerd. Momenteel is ook een verordening in de maak, zodat mensen geld kunnen lenen om hun woning of bedrijf duurzamer te maken.

Voor Mij gedaan
De achterliggende zomervakantie heb ik, net als velen anderen, ook de nieuwe encycliek van Paus Franciscus gelezen. Ik was namelijk door Ede FM uitgenodigd om begin deze maand mijn leeservaringen te delen. Wat bij mij is blijven hangen, is de nadruk die Paus Franciscus legt op dat ecologische problemen samenhangen met sociale problemen. Hij schuwt daarbij niet om ook de politiek een veeg uit de pan te geven: waar zijn de sterke leiders met ambitie? Durven wij – en dan kijk ik ook in de spiegel – voor wat betreft duurzaamheid stelling te nemen? Tijdens het lezen van de encycliek moest ik denken aan Rowan Williams. Hij opende mij de ogen voor dat duurzaamheid voor christenen (ook) een principieel punt is: de wereld is een geschenk, je doen en laten een vorm van dankbaarheid daarvoor. Dit besef maakt dat voor mij persoonlijk duurzaamheid meer is dan een set maatregelen, hoe goed deze maatregelen ook mogen zijn. Het brengt mij tot de overtuiging dat duurzaamheid voor alles een lifestyle is, een vanzelfsprekend gevolg van ‘leven uit dankbaarheid’ – “je hebt het voor Mij gedaan.” Events als onlangs door de gemeente georganiseerd kan wat mij betreft aan deze lifestyle-gedachte een mooie stimulerende bijdrage leveren.

Peter Jansen,
E. peter.jansen@ede.nl

Ontmoeten en verbinden

In het convenant van de Edese coalitie wordt duurzaamheid als een speerpunt genoemd. Raadslid Peter Jansen heeft het initiatief genomen om een taskforce duurzaamheid op te richten. “Ik wil mensen ontmoeten en verbinden rondom duurzaamheid.”

Tijdens de raadsvergadering van donderdag 9 oktober jl. werden er door Alexander Vos de Wael (VVD), André Klomp (GL/PE) en Jan de Kluijver (ChristenUnie) pleidooien gehouden voor het meer verankeren van duurzaamheid in beleid. “Mooi om te zien hoe vanuit verschillende partijen tijdens deze avond duurzaamheid werd gethematiseerd”, aldus Jansen.  Hij nam het initiatief om een taskforce duurzaamheid in het leven te roepen.  “Bij een taskforce duurzaamheid zie ik me een groep raadsleden voor – bij voorkeur uit elke partij één – die op regelmatige basis met elkaar van gedachten wisselen hoe duurzaamheid binnen Ede op de kaart te zetten. Of beter: brainstormen hoe we in gezamenlijkheid dit thema handen en voeten kunnen geven, ten einde de programmamanager en in direct hiermee de wethouder Leon Meijer te voeden.”

Op maandag 10 november jl. kwam de groep voor het eerst bij elkaar. De meeste fracties hadden iemand afgevaardigd. Tijdens deze eerste meeting heeft Saskia Heins, de programmamanager duurzaamheid van de Gemeente Ede, iets verteld over de startnotitie duurzaamheid die zij aan het schrijven is. Jansen kijkt terug positief terug op deze eerste bijeenkomst. “Zo’n eerste bijeenkomst is aftasten – kijken welke verwachtingen er bij elkaar leven ten aanzien van zo’n taskforce en een modus vinden hoe het e.e.a. vorm te geven.” Meestal krijgen de raadsleden pas stukken te lezen aan het eind van het proces. In een zogenoemde oordeelsvormende vergadering mag de raad er dan wat van vinden, waarna het meestal een of twee weken erna in een besluitvormende vergadering wordt vastgesteld. Tijdens de eerste bijeenkomst van de taskforce duurzaamheid bleek dat raadsleden het ook fijn vinden om al voordat alles op papier staat bij het proces betrokken te worden. Ook Saskia Heins, de programmamanager duurzaamheid van de gemeente Ede, gaf aan hier behoefte aan te hebben. Jansen hoopt dat de taskforce een serieuze gesprekspartner van de programmamanager wordt aan wat hij noemt “de voorkant van het beleidsproces.” Als het aan Jansen ligt sluiten hier op termijn ook partijen uit de samenleving bij aan. “We hebben hier in Ede mooie en ambitieuze projecten als het om duurzaamheid gaat. Denk aan het Plushuis of de ontwikkelingen rond Boddegat of Bio Massa Centrale. Ik kan mij voorstellen dat als de thematiek zich leent je zulke partijen uitnodigt om aan te schuiven. Ervaringen kunnen dan uitgewisseld worden, wat het beleid alleen maar verrijkt.”

Voor Jansen is het belangrijk dat de taskforce  partijpolitiek neutraal is. “Natuurlijk heeft iedereen zijn eigen politieke kleur, maar ik vind het belangrijk om over partijpolitieke grenzen heen te kijken en elkaar op te zoeken om elkaar te inspireren en te motiveren daadwerkelijk werk van deze thematiek te maken.” Duurzaamheid is volgens Jansen bij uitstek een thema die om gezamenlijkheid vraagt. Hoewel het weten van elkaar waar de verschilpunten liggen wat deze thematiek betreft volgens Jansen ook vruchtbaar is.

Peter Jansen,
Raadslid ChristenUnie Ede

Wil je reageren? Stuur je reactie naar peter.jansen@ede.nl 

Duurzaamheid is leven uit Dankbaarheid

Aankomende vrijdag (10 oktober) is het de Dag van de Duurzaamheid en aanstaande zaterdag (11 oktober) is het Groene Kerken Dag. Kerk in Actie (PKN) en Tear hebben een campagne gestart om kerken te verleiden om duurzaamheid binnen de kerk meer op de kaart te zetten. En dat gaat verder dan kiezen voor een streekproducten koekje bij een kop Fair Trade koffie na de dienst.

Laat ik eerlijk zijn: ik was eerst sceptisch tegenover het initiatief van de Groene Kerk. Weer een label dacht ik, dat na verloop van tijd inhoudsloos aan de muur hangt. Maar naarmate ik er meer over nadenk, hoe interessanter ik het vind. Duurzaamheid is namelijk een thema dat bij uitstek bij de kerk past. Fair Trade koffie, zonnepanelen, bankieren bij een bank die investeert in duurzame projecten. Het zijn zomaar een paar dingen die een kerk kan doen om een duurzamere gemeente te zijn. Maar als het daarbij blijft, blijft het voor mij nog te plat. Bij duurzaamheid gaat het ook, of misschien wel vooral, om gerechtigheid – en dan niet alleen recht doen aan je naaste, maar ook recht doen aan God en Zijn Schepping.

Traditioneel wordt duurzaamheid benadert vanuit het oogpunt van schaarste. Grondstoffen zijn eindig en bij duurzaamheid gaat het er om zodanig met de natuur om te gaan dat natuurlijke processen niet fundamenteel worden aangetast. In het kort kom het dus neer om niet meer vis aan de zee te onttrekken dan er door natuurlijke aanwas weer bij kan komen. Duurzaamheid draait in zekere zin dus om het bereiken van een evenwicht, zodat onze wereld ook voor de volgende generaties een plek is om te wonen en te leven. Een verhaal uit de Talmoed brengt dit mooi onder woorden:

Keizer Hadrianus ontmoette onderweg een oude man die vijgenbomen aan het planten was. De keizer zei: hebt u enige hoop ooit te eten van de vruchten van deze bomen? U bent namelijk al oud, dus waarom zoveel inspanningen leveren? Hierop antwoordde de oude man: als God me een lang leven schenkt, dan zal ik van die vruchten eten en genieten. Maar anders zullen het mijn kinderen zijn die er van zullen eten. Toen ik op de wereld kwam heb ik vijgenbomen gevonden die mijn voorvaderen hadden geplant. Ik wil dat mijn kinderen op hun beurt ook weer vruchten vinden.

Dit verhaal laat iets zien van een respectvolle omgang met de natuur. Dat is trouwens iets dat je in alle religies terugziet. Voor de Germanen was de natuur god zelf, dat boezemde als vanzelf ontzag in. Binnen het Boeddhisme moet je het foute gedrag vermijden en het goede doen, in dit geval zorgvuldig omgaan met de natuur. Hindoes geloven dat alle levende wezens iets goddelijks hebben. Binnen de Islam speelt de Tuin een belangrijke rol. Ook de binnen het Jodendom viert men de verjaardag van de Schepping: Rosj ha Sjana. Wij kennen niet zozeer een feest dat de Schepping viert. Maar professor A.A. van Ruler schijnt eens gezegd te hebben dat er een feest zou moeten zijn waarop wij het feit vieren dat de wereld er is en dat wij er zelf zijn. Hoe dan ook, binnen het Christendom vinden we genoeg aanwijzingen om te stellen dat de natuur een belangrijke rol speelt in onze spiritualiteit. Ik hoef alleen maar te wijzen op Romeinen 1 vers 20 en 21.

Zijn onzichtbare eigenschappen zijn vanaf de schepping van de wereld zichtbaar in  zijn werken, zijn eeuwige kracht en goddelijkheid zijn voor het verstand waarneembaar. Er is niets waardoor zij te verontschuldigen zijn, want hoewel ze God kennen, hebben ze hem niet de eer en de dank gebracht die hem toekomen.

Het is mij bekend dat de bijbelverklaarders het er niet over een zijn hoe we deze teksten precies moeten duiden. Dat is voor dit moment ook niet interessant. Ik ga hier geen theologische verhandeling houden. Ik wil alleen duidelijk maken dat duurzaamheid en religie niet wezensvreemd aan elkaar zijn, maar juist intensief op elkaar betrokken. Een term die mij in dit verband aanspreekt is 'ecologische gerechtigheid'. Zelfs als we op het eerste gezicht denken dat het misschien geen zode aan de dijk zet, en al kunnen we niet zeker zijn van het succes van een bepaalde aanpak, toch moeten we het doen, omdat het God, de mensheid en de wereld eert - recht doen aan de Schepping is een blijk van dankbaarheid jegens Hem die alles gemaakt heeft. De gedachte van de wereld als geschenk en  je eigen doen en laten als een vorm van dankbaarheid daarvoor, vind ik een inspirerende gedachte, die ik ontleen aan de Anglicaanse spiritualiteit. Het leert mij bewust te leven en met verwondering te kijken naar alles en iedereen. 

Maar duurzaamheid is niet zonder gevaar – het staat bloot aan een tweeledige verleiding. Dat het ten eerste een hobby is van enkele groen-minded types, die vaak door hun enthousiasme de rest op den duur niet meer mee krijgen, zo van: daar heb je hen weer met duurzaamheid. Maar ook dat duurzaamheid te eng wordt opgevat, alleen als aandacht voor duurzame energie of biologische producten. Duurzaamheid is voor mij voor alles een manier van leven: zo wil ik met anderen en de natuur omgaan. Duurzaamheid is niet conservatief vast houden aan wat is, maar in afhankelijkheid en dankbaarheid omgaan met de dingen, in het besef dat het niet van jezelf is, maar in bruikleen gekregen. Duurzaamheid is naar mijn overtuiging dan ook een principieel punt binnen het christelijke denken. In de preek, op catechisatie, tijdens bijbelstudie avonden, in de onderlinge gesprekken, etc. zou het regelmatig terugkerend thema moeten zijn.

De directeur van Natuurmonumenten, Marc van den Tweel, heeft een paar weken terug tijdens een zogenoemde Prinsjesdag-lezing een intrigerende uitspraak gedaan. Ik citeer:

Behoefte aan richting, symbolen, zingeving. Verbinding met iets dat groter is dan jezelf. De kerk biedt het niet of onvoldoende, dus men zoekt het weer in de natuur. In zekere zin terug naar het pre christelijke tijdperk. Overigens heeft dat niet alleen te maken met feit dat kerk niet meer bereikt, maar ook dat kerk zich te weinig roert over de natuur, over duurzaamheid.

De moderne mens is volgens hem op zoek naar verbinding en richting. Ik citeer hem weer:

Verbinding en richting die de Nederlander niet meer in de kerk vindt. Onder meer omdat de kerk zwijgt over dit soort thema’s. Daarom zou je kunnen zeggen dat duurzaamheid die plaats aan het innemen is. Duurzaamheid is een nieuw geloof geworden.

We kunnen hier natuurlijk van alles van vinden. Maar een initiatief als GroeneKerkenDag juich ik toe. Het brengt christenen uit de breedte van de kerk bij elkaar om over dit thema na te denken. Als het aan mij ligt niet vanuit de kramp, vanuit een houding van 'het gaat allemaal zo slecht', nee, meer vanuit een verheugd hart - we mogen genieten van het goede dat onze Hemelse Vader ons geeft en dat doorgeven. Kortom, vanuit een houding van dankbaarheid en niet vanuit onverschilligheid of uitbuiting. Dat maakt dat duurzaamheid geen hobby is van een enkeling of wat de kerk betreft afhankelijk is van een paar groene kerkraadsleden met geitenwollen sokken. Het gaat ook een slag dieper dan zonnepanelen op het dak of één keer per jaar mee doen aan de Micha zondag – die trouwens 19 oktober a.s. in het teken zal staan van ‘Heel de Schepping’. Duurzaamheid betreft een wezenlijke houding , een houding die onlosmakelijk verbonden is met ons christen zijn, met een leven uit dankbaarheid. Dankt u mee, door duurzaam te leven?

Peter Jansen,
Raadslid ChristenUnie Ede

Wil je reageren? Stuur je reactie naar peter.jansen@ede.nl 

Wie is Peter Jansen?

Mijn naam is Peter Jansen, ik ben in 1977 geboren in Amersfoort. Ik ben getrouwd met Jacomijn van Dijke (werkzaam op de Koepelschool) en vader van twee dochters (8 en 6 jaar).  Na de LAS, MAS en HAS ben ik aan Wageningen Universiteit zowel Onderwijskunde als Bos- en Natuurbeleid gaan studeren. Nadat ik een aantal jaren op het Van Lodensteincollege in Kesteren (VMBO) en Amersfoort (HAVO/VWO) les gegeven heb, zijn we naar Curaçao geëmigreerd. Daar gaf ik een aantal jaren leiding aan een jeugdhulpverleningsorganisatie en coördineerde enkele onderwijskundige projecten. Sinds 2008 wonen we in Ede. Ik werk op de Christelijke Hogeschool Ede (CHE) als docent en als onderzoeker bij het lectoraat Media, Religie en Cultuur. Ook ben ik verbonden aan Wageningen Universiteit waar ik werk aan een proefschrift over religieuze elementen in de communicatie over natuur in Nederland. In het verleden ben ik bestuurlijk actief geweest bij de Vereniging voor Protestants Christelijk Onderwijs op Curaçao (VPCO) en momenteel ben ik lid van de Raad van Advies van de in Florida (USA) gevestigde International Society for the Study of Religion, Nature and Culture (ISSRNC). Samen met mijn gezin bezoek ik de Nieuwe Kerk (PKN) in Ede.

Doordat ik in mijn werkzame leven veel met mijn hoofd bezig ben, ben ik in mijn vrije tijd graag lichamelijk actief. Daarom ben ik een redelijk actief mountainbiker, samen met een groepje vrienden uit Ede. Ook ontmoet ik graag andere culturen: ik reis graag.

Ik vind het belangrijk om maatschappelijk betrokken te zijn. Daarnaast houd ik van diversiteit. De ChristenUnie is een partij die met een positieve instelling probeert handen en voeten te geven aan die maatschappelijke betrokkenheid. Geïnspireerd door de christelijke traditie juist ook vanuit het oogpunt van diversiteit. Ik geloof dat diversiteit een samenleving niet alleen interessant, maar ook krachtig maakt. Dat spreekt mij aan en daaraan wil ik graag mijn bijdrage leveren. Constructief waar het kan, kritisch waar het moet.

De ChristenUnie wil zich op drie terreinen inzetten voor een krachtige samenleving: op het sociale domein, de duurzaamheid en de economie. Dat zijn drie thema’s die ik als leidend ervaar bij wat ik graag zou willen bijdragen aan de gemeente Ede.

Gemeentepolitiek is de plaats waar grote en kleine verhalen bij elkaar komen. Er worden besluiten genomen die van invloed zijn op mijn directe leefomgeving. Dat vind ik boeiend en belangrijk. Niet alleen als inwoner van Ede, ook als docent aan de CHE en vanuit mijn rol als onderzoeker aan Wageningen Universiteit. De ontwikkeling van de kennisas Ede-Wageningen ligt mij na aan het hart.  De kennisas bevordert samenwerking op het gebied van verschillende studies, samenwerking bij woningbouw en duurzaamheid door het gebruik van elkaars faciliteiten en kennis. Daarbij krijgt Ede door de kennisas meer de uitstraling van een 'studentenstad'. Dat draagt bij aan een jeugdige en actieve uitstraling en zorgt voor diversiteit. Het maakt van Ede een interessante plek om te (blijven) wonen. Ik juich de ontwikkeling toe en zou willen dat een echte campus ontstaat: een plek waar wonen, recreëren en studeren organisch in elkaar overgaan. Maar juist omdat studenten zorgen voor diversiteit in Ede, ben ik er voorstander van dat er - zoals ons verkiezingsprogramma aangeeft - ook ruimte is voor studentenwoningen in woonwijken.

Verder vind ik het belangrijk dat Ede niet alleen een prettige plek is om te wonen, maar ook een mooie plaats blijft om te zijn en te leven. De gemeente Ede herbergt landschappen met natuurlijke en historische waarde. Die landschappen wil ik graag behouden. Ze zijn een stukje van onze lokale identiteit. 

Daarnaast ben ik er voorstander van om duurzaamheid geen loos begrip te laten zijn. Het zou mooi zijn als duurzaam bouwen in Ede vanzelfsprekend wordt. Ik zou duurzaamheid ook willen toespitsen op het investeren in goede fietsvoorzieningen en in het stimuleren van gebruik van voedsel uit de directe omgeving. Ik zie perspectief in streekeigenproducten in winkels en in projecten die vallen onder de noemer stadslandbouw.Hier komen volgens mij de ambities van de Foodvalley en de Kenniscampus samen. Van dat snijvlak kan ik enthousiast worden!

Ook geloof ik in de kracht van de lokale gemeenschap. Ik reis graag, maar juist reizen en een aantal jaren wonen en werken in een ander land, heeft mij bewust gemaakt van het belang van lokale gemeenschappen. Hoe mondialer de wereld wordt, hoe belangrijker en misschien ook krachtiger lokale gemeenschappen worden. Kleine ondernemers en ZZP-ers kunnen in onze gemeenschap van grote waarde zijn, zij versterken de lokale economie. Aan lokale kranten en de lokale omroep de schone taak verschillende verhalen van Ede en Edenaren met elkaar te verbinden en te duiden.